Andere prioriteiten

13e zondag door het jaar, 30 juni 2019
evangelie: Lukas 9,51-62
1Koningen 19,16b.19-21. Psalm 16. Galaten 5,1-13-18

Na de kerkelijke feesten pakken we de draad van het verhaal van het evangelie volgens Lukas weer op waar we het vóór de 40-dagentijd hebben losgelaten. En het is meteen ook “back to basics”, terug naar de kern: “Volg Mij”. Veel ingewikkelder dan dat is het uiteindelijk niet.

“Volg Mij.” Die oproep van Jezus klinkt aan het begin van het Marcus- en Mattheüs-evangelie: de eerste leerlingen volgen Jezus op Zijn woord; meteen laten zij familie en familiebedrijf achter [Mt 4,18-22. Mk 1,16-20]. Mattheüs zelf wordt met diezelfde woorden geroepen. Hij was een tollenaar, een ambtenaar die collaboreerde met de Romeinse bezetter, met een gegarandeerd hoog inkomen. Ook hij volgt onmiddellijk [Mt 9,9. Mk 2,14]. Aan het eind van het Johannesevangelie, na de Verrijzenis, krijgt Petrus de opdracht om Jezus te volgen [Joh 21,19]. De opdracht om Jezus te volgen geldt dus niet alleen in de fysieke zin, voor de twaalf apostelen zolang Jezus op aarde rondloopt. “Volg Mij” zegt Jezus tot ieder van ons!

Volg Mij! [Lk 9,59] In het evangelie volgens Lukas gaat het er iets anders aan toe; de geroepenen volgen níét onmiddellijk. En de drie aarzelingen zijn voor ons wel zo herkenbaar. De eerste aarzeling: zodra het volgen van Jezus aan onze portemonnaie raakt, deinzen we toch even terug. Onze rijkdom is in feite een groot obstakel; het is niet voor niks dat Jezus benadrukt dat het gemakkelijker is voor een kameel om door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke om het Rijk Gods binnen te gaan [Lk 18,25] en dat wij niet God kunnen dienen èn de mammon [Lk 16,13]. Geld is in onze samenleving, in heel de wereld, zó belangrijk geworden, dat het de status van een afgod heeft gekregen. M.a.w., geld is een doel geworden in ons leven, i.p.v. een middel: een middel om iets goeds mee te doen. Kun je alles wat je hebt in dienst stellen van het navolgen van Christus? Kun je je geld zo besteden en àlles wat je hebt zo gebruiken, dat je met grote stappen het Rijk Gods tegemoet gaat [Lk 9,62] – al tijdens dit leven en niet pas erna? [Lk 18,29v]

Volg Mij! Nòg herkenbaarder is de reactie van de geroepenen aangaande hun familie en dierbaren: je mag toch wel afscheid nemen van levenden en doden?! Maar Jezus antwoordt op een ander niveau. Hij zegt: richt je niet op datgene wat dood is, maar op wat leven geeft [cf. Joh 10,10]. En wat de levenden betreft: als je éérst iets anders moet doen dan met Mij te leven, als je andere prioriteiten hebt, kun je Mij niet volgen. Voor ons die dit evangelie lezen, is Jezus’ antwoord daarom een bewustwording: waar liggen mijn prioriteiten?

Een soortgelijk dilemma zien we momenteel bij de discussie over het Klimaatakkoord. Er zijn er die het niks vinden. Dat is duidelijk, al deel ik die mening niet. Maar daar gaat het niet om. Anderen vinden het een goed idee, zeggen ze. Ze zèggen dat ze het een goed idee vinden, maar, voegen er meteen aan toe: ik wil wel elk jaar een of twee keer met het vliegtuig op vakantie; de landbouw aanpakken is goed, maar één of twee dagen per week vegetarisch eten, nee, dat vind ik echt teveel; ik wil wel ruim kunnen kiezen wat ik eet, al komen de appels uit Nieuw-Zeeland en de aardbeien uit Ethiopië; ik wil wel mijn Hummer als auto blijven rijden, liefst 130 km/u, want dat is mijn hobby; zonnepanelen en energiezuinige lampen vind ik geen gezicht. Het is een quaestie van mentaliteit. Je kunt wel zèggen dat je het een goed idee vindt, maar wat doe je er dan voor? “Ik zal U volgen, waarheen U ook gaat” [Lk 9,57]?

Om het evangelie goed te verstaan, moet duidelijk zijn dat de familie en huisgenoten er geen gelovigen of Godzoekers zijn. Degene die geroepen wordt, moet daarom afstand van hen nemen, om Hem te kunnen volgen. Zoals geld een afgod kan worden, zo kan ook familie (en de traditionele zogenoemde family values) de plaats van godsdienst innemen [vandaar: Lk 14,26]. Weliswaar is ook in het Nieuwe Testament familie belangrijk, maar niet belangrijker dan het volgen van Christus: met geloof, hoop en liefde [= het doel, cf. 1Kor 13,13].

Meer nog: “familie” als prioriteit sluit alle mensen uit die niet via een bloedband zijn verbonden; Jezus’ idee van “naaste” daarentegen ópent ons juist voor de mensen die niet tot onze familie en volk behoren! [Ga 5,16 cf. Lk 10,25-37] Alle mensen kunnen als kinderen van de ene Vader broers en zussen worden van elkaar [1Joh 3,1]. Wie Christus volgt, helpt zulke mensen daarbij i.p.v. hen te negeren en buiten te sluiten. “Mijn broers en zussen zijn zij die het woord van God horen en ernaar handelen” [Lk 8,19-21]. Dat kunnen dus heel goed mensen zijn met een andere leeftijd, sociale achtergrond, geaardheid, een andere huidskleur, taal of cultuur dan de jouwe.

Dat uitsluitende van anderen zien we dagelijks om ons heen, op tv en internet: in het groot tussen volken en op kleinere schaal tussen groepen en individuen. Het blijft dan niet bij afkeer, maar gaat zelfs zo ver dat mensen die anderen met geweld te lijf gaan. In het evangelie zien we dat zelfs Jakobus en Johannes – toch niet de minste onder de apostelen – hoewel zij zó dicht bij Jezus staan, gevangen zitten in die manier van denken. De Samaritanen die Jezus niet willen ontvangen, willen zij “verdelgen” [Lk 9,54] – een ‘mooi’ woord voor kapot maken…

Jezus spreekt ons aan, in de ontmoeting hier: Volg Mij! Niet omdat het moet, maar omdat wij met Zijn mentaliteit [Fil 2,5] en manier van leven er betere, vrije [Ga 5,1], liefdevolle [Ga 5,14] en gelukkige mensen van worden, steeds meer op Hem gelijkend, zoals God de mens heeft bedoeld [cf. Ef 4,13].

Volg Mij! En zo wordt duidelijk: waar liggen mijn prioriteiten nou echt? [Ga 5,13] Toch geld als doel; als ze aan mijn portemonnaie komen, haak ik af? Zoek ook ik naar uitvluchten: éérst nog wat anders? Klamp ik mij vast aan personen of aan het verleden? Mogen wij door het vieren dan deze Eucharistie gevoed en geïnspireerd worden om onze prioriteiten helder te houden en Hem van harte na te volgen, met hart en hoofd en handen – omwille van een betere wereld en omwille van onszelf. Amen.

Pater Mark-Robin Hoogland C.P., Provinciaal van de Passionisten in Nederland