Minder, minder, of: púúr menselijk

Hoogfeest van Pinksteren, de 50e dag na Pasen, 9 juni 2019
evangelie: Johannes 14,15-16.23b-26
Handelingen 2,1-11. Psalm 104. Romeinen 8,8-17


Afgelopen zondag hielden wij, Passionisten, in de Pater Karel Kapel te Munstergeleen (bij Sittard) de jaarlijkse Biddag. Deze dag was ooit ingesteld om samen te bidden voor de heiligverklaring van de in Munstergeleen geboren Pater Karel Houben, Passionist. Na zijn heiligverklaring op 3 juni 2007 hebben we de Biddag omgevormd tot een dankdag. Want het hele jaar door komen er in de Kapel vele mensen: meestal individueel, soms in een bedevaart van een kleine groep. Het intentieboek dat in de Kapel ligt, staat vol met intenties en dankbetuigingen. Op de eerste zondag van juni nodigen wij mensen uit om gezamenlijk dank te zeggen voor het goede dat we op voorspraak van de Heilige Pater Karel van Godswege hebben ontvangen [want: 1Kor 4,7].

Eén keer per jaar samen dankzeggen, juist op die eerste zondag van juni. Wij vinden het een goed idee [cf. Lk 17,11-19]. Maar de laatste jaren gaat het steeds moeizamer: hoewel het aantal bezoekers van de Kapel hoog blijft [we hebben een teller geplaatst], komen er op de Biddag steeds mìnder mensen. Een paar jaar geleden zegde zelfs het koor voor de slotviering af; zo’n beetje iedereen had iets anders te doen [cf. Lk 14,15-20]. En ze zijn ook vorig jaar niet meer gekomen. Tja, dan vraag je je wel af wat er aan de hand is. Kan de Heilige Geest niet een handje helpen en mensen opnieuw enthousiast maken [zoals in Hnd 2,1-5.12v] en samenbrengen om in verbondenheid dankbaarheid te uiten? [cf. Kol 3,15. 4,2].

Als je er alleen zo naar kijkt, kun je de moed verliezen. Naar verluidt worden Nederlanders niet minder gelovig, maar de participatie neemt wel af: “minder, minder,” zogezegd. In het licht van Pinksteren kun je echter ook anders kijken. De Geest van God, zegt Paulus in de Tweede lezing, maakt mensen levend en minder zelfgenoegzaam, vrijer en zonder angst [Rm 8,13-15]. Wat heeft dat met de Heilige Geest te maken? Want, de dingen die Paulus noemt lijken gewoon puur menselijk. En dat ìs ook zo. Want de Heilige Geest staat niet tegenover ons; Hij helpt ons van binnenuit [Joh 14,23] om te leven zoals God de mens heeft bedoeld,. De Geest haalt het beste in de mens naar boven, dat God er Zelf ingelegd heeft: púúr menselijk [Ga 5,22v].

Met dit in gedachte kun je opnieuw, met een andere houding op zoek gaan naar de werkzaamheid van de Heilige Geest. Ja, de participatie in de Kerk neemt veelal af. Maar juist hierdoor zien wij beter dat de Geest óók buiten de Kerk in de wereld werkzaam is. Dan zie ik mensen die in de Geest van Christus opstaan tegen onrecht en onderdrukking: vrouwen in India, in Saudi Arabië, in de MeToo-beweging. Dan zie ik jongeren die begeesterd hun bezorgdheid uiten over de toekomst van de aarde en die in hun studiekeuze niet gaan voor het grote geld, maar voor de verbetering van de wereld. Dan zie ik mannen en vrouwen die oprecht hun macht en invloed gebruiken om mensen tot bloei te laten komen en te ver-binden i.p.v. te verdelen en te overheersen. Dan zie ik slachtoffers van geweld en armoede die van harte kiezen voor het leven, en zelf een helpende hand uitsteken waar het kan. De Geest van God waait waar Hij wil [Joh 3,8]; de aarde is er vol van! [Ps 48,11. 104]

En evenzo kunnen we met een hernieuwde blik binnen de Kerk kijken: hoe levendig geloofsgemeenschappen zijn juist waar onderdrukking en bedreiging is. En in ons eigen land: ja, er is een priestertekort en mensen die geschikt/geroepen zijn om verantwoordelijkheid te nemen, antwoorden dikwijls laat. Tegelijkertijd realiseren wij ons zo meer dan ooit dat iedere gelovige de inspiratie van God ontvangt, om bij te dragen aan de opbouw van de geloofsgemeenschap en om te zien naar elkaar [cf. 1Kor 12].

Het vieren van Pinksteren maakt ons bewust van Gods werkzaamheid ook in onszelf. We spreken zo gemakkelijk over de drieslag geloof, hoop en liefde. Zoals Kerstmis, het begin, ons aanzet tot hoop en Pasen, de voltooiing, ons tot geloof brengt, zo ontsteekt Pinksteren opnieuw de liefde in ons: God Zelf helpt ons, van binnenuit en brengt ons bij elkaar, opdat wij gezamenlijk het geluk vinden dat Hij voor de mens heeft bedoeld. Maar liefde zonder daden is dood! [cf. Jak 2,17] “Geest Die vuur en liefde zijt” en Die ons inspireert – als wij zelf weigeren om met die Geest mee te werken, is onze bezorgdheid om een gebrek aan liefde en betrokkenheid in Kerk en wereld niet erg waarachtig.

Kortom, we kunnen om ons heen zien dat op veel plaatsen de participatie in de geloofsgemeenschap terugloopt. We kunnen waarnemen hoe angst, geld en de leugen regeren in de wereld en hoe mensen tegen elkaar opgezet worden, van elkaar vervreemden en kiezen voor zichzelf. Precies tegen deze achtergrond vieren wij dankbaar Pinksteren. Want hierdoor herinneren wij ons dat de Heilige Geest, de Helper [Joh 14,26], zoals Jezus, ook ons en zovele anderen blijft helpen om mensen samen te brengen en het púúr menselijke in hen naar boven te halen. Wij worden niet op onszelf teruggeworpen en wij stáán er gelukkig niet alleen voor [cf. Joh 15,5]; bewust of onbewust, in àl het goede dat wij doen, mogen wij weten dat wij met Hem meewerken, voortdurend, elke dag [Mk 16,20. Hnd 14,3 cf. Mt 21,21. Joh 14,13v].

Moge de Eeuwige ons dan door het vieren van deze Eucharistie door Zijn Geest opnieuw in vuur en vlam zetten: om in onze houding, woorden en daden voor elkaar zo goed als God te zijn – omwille van ons welzijn en omwille van ons heil. Zalig Pinksteren! Amen.

Pater Mark-Robin Hoogland cp, Provinciaal van de Passionisten in Nederland