"The party is over," of: Mens worden, mens blijven


2e Kerstdag, H. Stefanus, woensdag 26 december 2018

evangelie: Mattheüs 10,17-22
Handelingen 6,8-10. 7,54-60. Psalm 31

“The party is over,” het feestje is voorbij. Een groter contrast kun je je bijna niet voorstellen: de kerststal, een prachtig gedicht van Johannes over het nieuwe Begin, vrede op aarde wordt verkondigd, en dan een wrede verstoring op Tweede Kerstdag: de vreselijke moord op Stefanus.

Hoewel, is er wel ooit een feestje geweest rond Jezus’ geboorte? Een keizer dwingt mensen om hun woonplaats te verlaten. Voor de migranten Maria en Jozef is er geen plaats in de herberg. Niet vrienden en naaste familie komen op bezoek maar vreemdelingen. En het Licht schijnt weliswaar in de duisternis, maar de duisternis heeft het niet aangenomen; Jezus’ eigen volk herkent en erkent Hem niet. Zo romantisch is Jezus’ geboorteverhaal niet.

Op Tweede Kerstdag lezen we over de dood van Stefanus. We doen dit in het licht van Kerstmis. Zo gaan wij zien dat het wel een vreselijk gebeuren is, maar niet ellendig. Het valt op dat er bij Stefanus geen sprake is van angst of wanhoop en ook niet van woede – in tegendeel! Hij vervloekt zijn vervolgers niet, maar vraagt de Heer om vergeving voor hen; “zij weten niet wat zij doen” [Hnd 7,60 cf. Lk 23,34].

De wijze waarop Stefanus zijn dood doorstaat, lijkt opvallend veel op de manier waarop Jezus in het Lijdensverhaal staat. Het lijkt op het eerste gezicht bovenmenselijk, maar bij nader inzien is het púúr menselijk, zoals God ons mens zijn heeft bedoeld. Met Kerstmis vieren wij de Menswording. Vanaf Zijn geboorte blijkt de mens Jezus kwetsbaar; aan den lijve en in Zijn hart ondervindt Hij tegenslag, teleurstelling, verdriet. Tegelijkertijd blijft Hij volledig openstaan voor Gods Geest, Die Hem er doorheen sleept, zogezegd. De mens Jezus leert door menselijke ervaringen [Heb 4,15] en de Geest van God maakt Hem wijs [cf. Hnd 6,10].

Hetzelfde zien we bij Stefanus: de uiterste consequentie van Kerstmis. Door extreem lijden en de dood heen is Jezus ons voorgegaan in het mens zijn. In Zijn geboorteverhaal, Zijn levensverhaal en in het Lijdensverhaal leren wij wat mens zijn betekent voor ons: echte mensen voelen echte vreugde en echte pijn. Maar om volledig mens te blijven, moeten we open blijven voor de hulp van Godswege [Mt 10,19. Heb 4,16]. Want mensen die vervolgd worden, kunnen net zo monsterlijk worden als hun belagers. Als mensen ziek worden, kan dat al hun relaties en heel hun leven verzieken. En evenzo, mensen die feest vieren kunnen zich opsluiten in zichzelf en dan veel schade aanrichten aan anderen en aan zichzelf.

De dood van Stefanus herinnert ons eraan dat na Kerstmis niet alle duisternis is verdwenen. Maar wie gelooft dat de Heer voor ons en met ons mens geworden is, zal zich dus voort-durend met Hem verbonden weten [cf. Hnd 7,55v]. Dan worden we noch bij tegenspoed noch bij voorspoed verleid om ons mens zijn te verlaten.

Mogen wij door het vieren van de Kerstmis en de gedachtenis van de H. Stefanus ook zelf steeds meer gaan lijken op de mens geworden Goedheid [Tit 2,11-14]. Dan zullen wij het blijvende geluk vinden dat God voor ons allen heeft bedoeld [1Tim 2,4]: nu en hierna. Amen.

Pater Mark-Robin Hoogland C.P., Provinciaal van de Passionisten in Nederland